Nu we weer buiten mogen, en weer op café mogen, en op restaurant, is dit toch een relevante vraag… Hoeveel fooi moet je geven op restaurant? Het antwoord is eigenlijk veel simpeler dan je zou denken: je moet in feite helemaal geen fooi geven. Het mag, maar eigenlijk wordt het niet verwacht. In de horeca worden mensen in principe correct betaald, dus de fooi maakt geen deel uit van hun loon. In Amerika is dat helemaal anders. Daar wordt de service niet aangerekend. Obers moeten dus leven van de tips die je geeft. Daar wordt bij een goede service toch minstens 15 procent fooi verwacht, en eigenlijk zelfs 20 procent.
Toen ik voor het eerst in New York was, ik was nog geen achttien, heb ik het wel eens voorgehad. Dat we op restaurant gingen en ik gewoon netjes de rekening betaalde. Ik was een student, en had ook niet de centen om flinke fooien te leggen. Maar bij het buitengaan werd ons correct doch redelijk dwingend gevraagd “of we misschien niet tevreden waren met de geboden service, omdat we geen tip hadden gegeven.”
Sindsdien doe ik het daar wel altijd. Wat soms aardig oplopen kan. Ik was enkele jaren geleden in New York, en de betere gastronomie is daar bijna onbetaalbaar geworden. Als je dan nog eens een vijfde extra op tafel moet leggen als fooi loopt dat belachelijk hoog op.
Bij ons is het zo dat je een fooi kunt geven wanneer je dankbaar bent, of bijvoorbeeld extra verwend werd. Wanneer de ober echt ontzettend vriendelijk was, het eten uitzonderlijk goed was, of “speciallekes” werden voorzien.
Dan moet je vooral geen onnozel kleine fooi leggen, want dat is ook weer raar. Afronden is één ding, maar als je je waardering tonen wil, dan moet je toch overwegen om minstens 5 procent tip achter te laten. Voor de echt tevredenen: 10 procent is helemaal fraai. Wedden dat je dan de volgende keer echt als een koning ontvangen wordt?
Toch hoor ik van veel mensen in de horeca dat er vandaag soms wel wat meer fooi wordt gegeven dan voor de lockdown. Na maanden niet op restaurant te kunnen, willen mensen hun waardering uitdrukken voor de gastvrijheid en de bediening in restaurants, en leggen ze na een goede maaltijd of een leuke avond op café graag een extra fooi.
Zodra de zomer echt losbarst en de zon hier in Barcelona overuren draait, ben ik he-le-maal zot van watermeloen. Er is op een warme, klamme namiddag simpelweg niets verfrissender dan een ijskoude, felrode en knapperige punt van deze vrucht … Lees meer
Ik mag dan misschien geen sterrenchef zijn, maar als het op koken aankomt, mag je gerust stellen dat ik wéét waar ik de mosterd haal. Letterlijk en figuurlijk … Lees meer
Als Belgen trekken we voor een weekendje weg bij onze Noorderburen vaak automatisch naar Zeeland, Maastricht of Amsterdam. Maar wie iets verder kijkt, ontdekt Flevoland: de jongste provincie van Nederland, letterlijk opgetrokken uit de voormalige Zuiderzee … Lees meer
Het één voor één snijden van kerstomaatjes is een tijdrovend klusje, maar met deze truc ben je zo klaar. Leg de tomaten op een plat bord en plaats er een tweede bord (of deksel) stevig bovenop … Lees meer
Vandaag vieren we Avocado Day, de dag waarop de halve wereld collectief begint te applaudisseren voor de immens populaire groene vrucht. Maar ik ga even heel eerlijk zijn, en misschien trap ik daarmee op wat culinaire teentjes: ik snap die gigantische hype dus écht niet … Lees meer
Op 29 juli is het National Chicken Wing Day. In Amerika is dit een culinaire feestdag van formaat waar tijdens sportwedstrijden letterlijk miljarden vleugeltjes worden verorberd … Lees meer
In de hippe culinaire wereld wordt vaak geroepen dat enkel donkere, bittere chocolade met minstens 70% cacao (en liefst nog een beetje meer) het label ‘echte chocolade’ verdient … Lees meer
Wie ooit in San Sebastián of Bilbao is geweest, weet hoe magisch de Baskische pintxos-cultuur is. Barren die uitpuilen met de meest indrukwekkende, kleurrijke hapjes op de toog, allemaal vastgepind op een schijfje knapperig stokbrood met een houten prikker … Lees meer